Op deze pagina vind je het archief met alle blogs.
Meer onderdelen in het archief:
Blog archief
Angst voor afwijzing |
Ieder mens heeft al vanaf het begin van zijn leven een diep verlangen naar liefde. Dat lijkt een onverklaarbaar verlangen, maar is in feite een hunkering naar Gods liefde, een verlangen dat God zelf in ons heeft gelegd. Alleen beseffen we dat vaak niet.
We zijn daarom voortdurend op zoek naar andere mensen die van ons willen houden. We willen erg graag door anderen geliefd, aanvaard en gewaardeerd worden. Omdat deze behoefte zo belangrijk voor ons is, vinden we het moeilijk om afgewezen te worden. Want als we afgewezen worden, dan hebben we het gevoel dat we niet geliefd zijn, niet aanvaard worden en niet waardevol zijn.
We zijn daarom voortdurend op zoek naar andere mensen die van ons willen houden. We willen erg graag door anderen geliefd, aanvaard en gewaardeerd worden. Omdat deze behoefte zo belangrijk voor ons is, vinden we het moeilijk om afgewezen te worden. Want als we afgewezen worden, dan hebben we het gevoel dat we niet geliefd zijn, niet aanvaard worden en niet waardevol zijn.
Iedereen heeft wel eens last van angst voor afwijzing, maar bij sommigen neemt het problematische vormen aan. Als je toegeeft aan die angst voor afwijzing, dan kom je in een val terecht. Je bent zo bang om afgewezen te worden, dat je probeert om te beantwoorden aan alle verwachtingen van andere mensen. En er zijn zo ontzettend veel mensen die iets van jou verwachten: je ouders, je partner, je kinderen, je collega’s, gemeenteleden, vrienden. Al die verwachtingen leggen een druk op je, of ze nu reëel zijn of alleen in jouw beleving, je gaat je ernaar gedragen. Je wordt een ‘people-pleaser’; iemand die voortdurend probeert het iedereen naar de zin te maken, omdat het belangrijk voor je is wat anderen van je vinden. Met tot gevolg dat je je in bochten wringt, je gaat rollen spelen, je bent jezelf niet meer, je bent niet meer authentiek.
Zelf heb ik vele jaren lang de rol gespeeld die mijn moeder me oplegde. Mijn moeder verstikte me bijna met haar liefde, maar als ik iets deed wat ze niet leuk vond, dan liet ze duidelijk merken dat ik haar verdriet deed. Dus was ik voortdurend bezig mijn moeder te behagen. Ik was een raar jongetje, ging bedden opmaken, boodschappen doen; ik deed van alles voor mijn moeder, als ik maar complimentjes van haar kreeg. Ik werd een verlengstuk van mijn moeder. Later, in mijn volwassen leven, zette ik dit patroon voort in mijn relaties. Pas enkele jaren geleden heb ik er heel bewust voor gekozen om niet langer de rol te vervullen die mijn moeder voor ogen had, en om die onzichtbare banden te verbreken.
Zo zijn er meer mannen en vrouwen die de rol vervullen die hun vader of moeder voor ogen hadden. Denk aan de vader die zelf niet geslaagd is in het leven en nu wil dat zijn zoon wel slaagt. Of de vader die met succes een bedrijf gestart is en nu heeft zoonlief geen keus: hij moet mee in het bedrijf, of toch in ieder geval minstens zo succesvol worden als zijn vader.
Feitelijk kom je dan in de identiteit van een ander terecht.
Feitelijk kom je dan in de identiteit van een ander terecht.
Als je dan uiteindelijk niet kunt voldoen aan al die verwachtingen, krijg je het gevoel dat je persoonlijk faalt. Het lukt je niet, je schiet tekort. Je kunt onmogelijk iedereen om je heen gelukkig maken. Je raakt heftig teleurgesteld in jezelf en je voelt je een mislukkeling. De ‘ideale’ voedingsbodem voor een burn-out! Je leeft niet vanuit je eigen gevoelens en wensen, maar je camoufleert je eigen ik om geaccepteerd en gewaardeerd te worden.
Brannon Manning schreef:
‘Toen ik acht jaar oud was, werd de misleider in mij geboren, de onechte ik, die diende als verdediging tegen pijn. Die indringer diep in mijn binnenste zei: ‘Zorg dat je nooit meer werkelijk jezelf bent, want niemand houdt van je zoals je bent. Verzin maar een nieuwe ‘ik’, waar anderen wel van kunnen houden.’ Daarna werd ik een goede jongen, beleefd, welgemanierd, onopvallend en eerbiedig. Ik studeerde hard, haalde uitstekende cijfers, kreeg een studiebeurs voor de universiteit. Ik ontdekte dat een perfecte verschijning de waardering bracht waar ik zo wanhopig naar op zoek was. Ik bewoog me in een ruimte zonder gevoel, waarin angst en schaamte op een veilige afstand werden gehouden. De grote scheiding tussen mijn hoofd en mijn hart bleef mijn hele bediening in stand. Achttien jaar lang proclameerde ik het goede nieuws van Gods onvoorwaardelijke, hartstochtelijke liefde, waarvan ik met mijn hoofd volledig overtuigd was, maar die ik in mijn hart niet ervoer. Ik voelde me nooit werkelijk geliefd.’ (Uit: Kind aan huis)
‘Toen ik acht jaar oud was, werd de misleider in mij geboren, de onechte ik, die diende als verdediging tegen pijn. Die indringer diep in mijn binnenste zei: ‘Zorg dat je nooit meer werkelijk jezelf bent, want niemand houdt van je zoals je bent. Verzin maar een nieuwe ‘ik’, waar anderen wel van kunnen houden.’ Daarna werd ik een goede jongen, beleefd, welgemanierd, onopvallend en eerbiedig. Ik studeerde hard, haalde uitstekende cijfers, kreeg een studiebeurs voor de universiteit. Ik ontdekte dat een perfecte verschijning de waardering bracht waar ik zo wanhopig naar op zoek was. Ik bewoog me in een ruimte zonder gevoel, waarin angst en schaamte op een veilige afstand werden gehouden. De grote scheiding tussen mijn hoofd en mijn hart bleef mijn hele bediening in stand. Achttien jaar lang proclameerde ik het goede nieuws van Gods onvoorwaardelijke, hartstochtelijke liefde, waarvan ik met mijn hoofd volledig overtuigd was, maar die ik in mijn hart niet ervoer. Ik voelde me nooit werkelijk geliefd.’ (Uit: Kind aan huis)
Reacties
| erg herkenbaar! ik weet wat me te doen staat :) |
Reageren






